Dit praktijkvoorbeeld is waargebeurd. De naam van de cliënte is fictief.

Halverwege 2016 merkt mevrouw Van Dijk dat de tegelvloer op de benedenverdieping van haar huis op sommige plekken bol stond. Ook lagen meerdere tegels los. Deze vloer heeft zij in 2012 laten leggen door een technisch onderhoudsbedrijf. Hierop besluit mevrouw Van Dijk de vloer te laten controleren door een expert via de woonhuisverzekeraar. Uit het daaropvolgende rapport blijkt dat de tegels niet goed zijn verlijmd. Op dat moment word ik ingeschakeld, waarna ik het onderhoudsbedrijf verzoek en sommeer om de gebreken aan de vloer te herstellen. Maar het bedrijf wijst alle aansprakelijkheid af en weigert de gebreken te herstellen. Ook weigert het bedrijf om de kosten van een nieuwe vloer te betalen.

Gerechtelijke procedure

De feiten zijn voor mij voldoende om een procedure te starten bij de kantonrechter. De kantonrechter wenst na een schriftelijke ronde (Dagvaarding van cliënte en Conclusie van Antwoord van de wederpartij) een comparitie van partijen. Dit betekent dat beide partijen met gemachtigden persoonlijk naar de rechtbank moeten komen om hun verhaal te doen. Hierbij heeft mevrouw Van Dijk de feitelijke vragen van de rechter beantwoord en heb ik de juridische aspecten uiteraard voor mijn rekening genomen. De rechter kan aan de hand hiervan meer informatie vergaren en inschatten of de partijen er samen nog uit kunnen komen.

De rechter oordeelde dat de vloer moest worden onderzocht door een gerechtelijke deskundige. Nadat een door het onderhoudsbedrijf aangedragen expert de vloer heeft onderzocht volgt er een rapportage, waaruit blijkt dat de vloer inderdaad niet goed is gelegd. Ook blijkt dat de schade van mevrouw Van Dijk omvangrijker is dan vooraf gedacht en gevorderd.

Hogere eis na nieuwe inzichten

Op basis van de nieuwe informatie vermeerder ik de eis namens mevrouw Van Dijk. Weer volgt een comparitie, omdat er inmiddels een andere kantonrechter op de zaak is gezet en de gemachtigde van de wederpartij niet bij de eerste comparitie aanwezig kon zijn. Tijdens deze tweede comparitie komen de partijen niet tot een schikking. Daarom moest de kantonrechter schriftelijk tot een vonnis komen.

Lange adem nodig om gelijk te krijgen

Dat gebeurde op 11 juni 2019. En het mooie nieuws voor mevrouw Van Dijk was dat haar vordering grotendeels is toegewezen. Het onderhoudsbedrijf moet een nieuwe, vergelijkbare vloer vergoeden en ook de kosten voor deze rechtsgang. Mevrouw Van Dijk moet tijdelijk haar woning uit om de vloer opnieuw te laten leggen. Ook deze kosten worden deels vergoed.

Soms is een lange adem nodig om een zaak te winnen. Maar procederen is één van de leukste aspecten van mijn werk. Helemaal als er na 2,5 jaar een positief resultaat volgt.

Tom Hooyman, Jurist Vastgoed- en Contractenrecht

ARAG-jurist-Tom-Hooyman

Mijn klanten help ik op de wijze zoals ik zelf geholpen wil worden; deskundig en adequaat.