ARAG zorgt voor uitspraak Autoriteit Persoonsgegevens over cameratoezicht op de werkplek
Januari 2026 | Leestijd: 1 minuut
Mag een werkgever jou permanent met de camera in de gaten houden op je werkplek? Nee dus, aldus de Autoriteit Persoonsgegevens in een zaak tegen openbaarvervoerbedrijf Arriva. Het was de uitkomst van een jarenlange strijd van ARAG-juriste Sabine van Ingen samen met haar klant.
“Het begon met een langlopend verschil van inzicht tussen mijn klant en zijn werkgever”, vertelt Sabine. “De aanleiding was een incident dat was vastgelegd op de camera’s die continu alles filmen op de werkplek van mijn klant.” De zaak met de werkgever was rond 2023 afgerond. “Maar mijn klant wilde toch nog in actie komen tegen dat permanente cameratoezicht. Het voelde gewoon onrechtvaardig dat de werkgever daarmee doorging.”
Autoriteit Persoonsgegevens
Na overleg met haar klant diende Sabine een klacht in bij de Autoriteit Persoonsgegevens. “De Autoriteit Persoonsgegevens wilde niet ingaan op deze individuele klacht. Daarom besloten mijn klant en ik om op zoek te gaan naar andere medewerkers van Arriva met dezelfde bezwaren. In de afgelopen 2,5 jaar hebben we samen een flink aantal medewerkers gevonden die zich bij deze klacht aansloten.”
Cameratoezicht aan banden
De actie had succes. De Autoriteit Persoonsgegevens stapte naar Arriva en dwong het openbaarvervoerbedrijf om het cameratoezicht aan te passen. Werkplekken van chauffeurs en ander personeel mogen voortaan niet permanent met de camera’s in de gaten worden gehouden.
“Deze uitspraak is allereerst een mooi resultaat voor mijn klant”, zegt Sabine. “Maar dit heeft ook impact voor mensen met vergelijkbare werkplekken, zoals vrachtwagenchauffeurs of pakketbezorgers. Ook die werkgevers weten nu dat ze niet méér mogen vastleggen dan strikt noodzakelijk.”


