Een rustige situatie in het verkeer kan plotseling veranderen in een gevaarlijke situatie. Een achteruitrijdende auto, een medeweggebruiker probeert te keren. Wanneer heeft u als weggebruiker recht op voorrang?
Bestuurders die onderstaande manoeuvres uitvoeren, moeten het overige verkeer voor laten gaan.
- wegrijden
- achteruitrijden
- uit een uitrit de weg oprijden
- van een weg een inrit oprijden
- keren
- van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden
- van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden
- van rijstrook wisselen.
Iemand die een van deze manoeuvres uitvoert is dus in principe aansprakelijk voor de schade die u daardoor heeft geleden. Deze en andere bijzondere verrichtingen staan vermeld in artikel 54 van het RVV (reglement verkeersregels en verkeerstekens).
Schuldvraag lastig te bewijzen
In een aantal gevallen is het lastig om de schuldvraag te bepalen:
- u en uw medeweggebruiker zijn beide bezig met het uitvoeren van een bijzondere verrichting. U heeft beide schade.
- u heeft onenigheid over de weg van rechts of over een uitrit.
De schuldvraag is in deze situaties lastig te bepalen. U moet bewijs leveren voor uw kant van het verhaal. In deze situaties is het handig
juridisch advies bij de hand te hebben.
Dit artikel is te vinden in: